Leeuwenpenning Davidsfonds Waasland voor EMIEL DULLAERT

Gelegenheidstoespraak Jef Turf. Het was voor mij geen verrassing te vernemen dat het Davidsfonds Waasland beslist had de Leeuwenpenning toe te kennen aan Miel Dullaert. Vanaf zijn jeugdjaren zit er een uitgesproken Vlaams tintje aan zijn activiteiten. Ik heb die activiteiten persoonlijk niet meegemaakt, wat ik ervan vernomen heb toont wel een jonge man, die zijn actie plaatste in het kader van de vernieuwende stroming die in die tijd van de jaren zestig van vorige eeuw de wereld beroerde (ik denk aan het Tweede Vaticaans Concilie en de bevrijdingstheologie) en vooral in het katholieke Vlaanderen zijn toepassing vond.

Tekenend is de episode die ik me heb laten vertellen over het duel tussen de pastoor van Sint-Gillis Dendermonde en zijn onderpastoor, Gilbert Verhaeghen. Een soort Vlaams Don Camillo-verhaal. Een pastoor van de oude soort, ik citeer Karel Heirbaut: “Trouw aan de Belgische driekleur”, en daar tegenover de onderpastoor Gilbert Verhaeghen “die de voorkeur gaf aan de klauwende Vlaamse leeuw op een gele achtergrond”. Het conflict escaleerde met kerstmis wanneer naast de officiële middernachtmis die gevierd werd met een magere aanwezigheid van de lokale burgerij, een alternatieve middernachtmis gecelebreerd werd in een volgelopen cinemazaal. Heirbaut beschrijft een zonderlinge volksvergadering in de Katholieke Kring en ontdekt daar een “jonge student, Miel Dullaert, die zich ontpopte als de beschermer van de uitgesloten onderpastoor Gilbert Verhaghen, die werd overgeplaatst naar Nieuwkerken- Waas, het ‘schapendorp’”. Rond de gebroeders Dullaert, die jarenlang elkaar opvolgden als KSA- bondsleider, had zich een jongerengroep geschaard die aangestoken was door de voedgolf die Vlaanderen overspoelde naar aanleiding van Leuven Vlaams en de roerselen van mei 1968. Er was niet alleen het Vlaamse aspect van hun overtuiging, maar die werd gekaderd in een algemeen protest tegen sociaal onrecht in het land en in de wereld. Het kon niet anders of de jonge student kwam in aanraking met de lokale kommunisten, inzonderheid Karel Maes, die hem de weg naar het marxisme wees. Dat niet iedereen gelukkig was met deze evolutie, werd duidelijk wanneer de jongeren hun overtuiging publiek maakten n openlijk hun intrede tot de K.P. manifesteerden. In die jaren kwam de jonge Miel  voor het eerst in aanraking met de problemen van de pers, en dit via de publicatie van het lokale blad “De Schapekop”. Ook ondervond hij hoe verdraagzaam de rechtse overheid was: wegens zijn kommunistische sympathieën en zijn publieke optreden, werd Miel, licentiaat sociologie inmiddels van de KUL, uit de Interommunale van het Waasland gewipt.  Het zoveelste voorbeeld van broodroof waaraan onze ‘democratische Belgische samenleving’ rijk is.

Miel werd aanvaard als journalist bij het weekblad van de K.P. , “De Rode Vaan”. Daarmee was hij één van de eersten van een nieuwe lichting medewerkers die de tweede wereldoorlog niet hadden meegemaakt en die, wellicht nog belangrijker, afkomstig waren uit de revolutionaire Vlaamse beweging die de Vlaamse katholieken had bewogen met Leuven -Vlaams en de gevolgen daarvan. Ik kan me best voorstellen dat die geweldige stap niet altijd even gemakkelijk moet geweest zijn voor Miel. De K.P. evolueerde traag naar een federalistisch model met een eigen Vlaamse Partij, maar moest toch nog altijd veel Franstalig water in de Vlaamse wijn doen. Bovendien was de K.P. op dat moment op zoek naar een weg die, in tegenstelling tot het recente verleden, beter aansloot bij onze eigen identiteit en bij de eigen arbeidersklasse. Die strijd gaf aanleiding tot verdeeldheid, waar beiderzijds fouten werden gemaakt. Dat kwam niet precies overeen met de redenen die Miel hadden aangezet om de keuze voor de K.P. te maken. Als redacteur van de Rode Vaan kreeg hij echter de kans om zich te verdiepen in de reële klassenstrijd, zoals heel het gevecht rond de sluiting en delocalisatie van scheepswerf Boel aan de Schelde in Temse in de jaren zeventig- begin tachtig van vorige eeuw.

Een belangrijk moment in de loopbaan van Miel was zijn aanstelling in 1988 als politiek directeur, nadat ikzelf op politiek non-actief werd gesteld. Miel kreeg onder meer de taak het wekelijks editoriaal te verzorgen. Daarin behandelde hij niet alleen sociaal- economische problemen, maar breidde zijn belangstelling zich uit tot de internationale problematiek. Overal in Vlaanderen waar zich een hoofdstuk afspeelde van het grote boek van de klassenstrijd, was Miel aanwezig met zijn commentaar. Acties van het personeel van de Galeries Anspach in Mechelen, de Boelwerf in Temse, Fabelta, het SCK in Mol, de NMBS, enz…werden door zijn artikelen begeleid. Ook de milieuproblematiek was hem niet vreemd in die jaren. Bijvoorbeeld inzake de geplande grote ring in het Waasland, de invloed van de milieubeweging binnen de vakbondswerking. Ook de Vlaamse benadering van de communautaire problemen was nooit ver weg.

Onder de leiding van Miel deed de inhoud van de Rode Vaan het helemaal niet slecht en kon best de vergelijking weerstaan met de vorige periode. Er was trouwens een continuïteit in de benadering, ook op het betwiste terrein van de internationale kommunistische beweging. Door de evolutie in de Sovjet-Unie en in Oost-Europeaan was het duidelijker dan ooit, dat de strakke binding met de partijen uit die landen eerder nadelig werkte voor de West-Europese kommunisten. Helaas, dit inzicht kwam redelijk laat, te laat, en met de Westerse K.P.’s ging het bergaf. De K.P. trachtte de meubels nog te redden door de Rode Vaan te vervangen door Markant, steeds onder de bekwame journalistieke leiding van Miel. Maar het was te laat en die laatste reddingsboei kende slechts een kortstondig leven.

Miel werd werkloos. Maar hij was niet de man om met gekruiste armen in een hoek te zitten morren. Hij werd ca 2000 vrijwillig medewerker aan het links- vlaamsgezinde maandblad ‘Meervoud’, waar hij zijn aandacht toespitste op de sociaal- economische problematiek. Hier kwamen de capaciteiten van Miel, aangescherpt door zijn ervaring in de K.P., als redacteur van de Rode Vaan en Markant, ten volle tot ontplooiing. Hij had de waarde ontdekt van de Gramsciaanse analyse die Toon Roosens had gemaakt van Vlaanderen en België, en was in staat dit ten volle toe te passen in zijn eigen analyses. Tot volle rijpheid gekomen, schreef Miel een uitzonderlijk hoofdstuk in het boek “De Rode Tong van de leeuw” (Kritak-2005), een huldeboek aan de overleden Brusselse advocaat en ideoloog van het links flamingantisme Antoon Roosens (1929-2003). Het hoofdstuk draagt de titel: “Vlaamse beweging en sociale beweging, een overzicht”. Dit hoofdstuk verdient in een afzonderlijke brochure te worden uitgegeven, en verdient ruim verspreid te worden in heel de Vlaamse Beweging en daarbuiten. Het is een voorbeeld van actuele marxistische geschiedschrijving. Er bestaat in de actuele Vlaamse politiek-sociale literatuur weinig of niets dat op dergelijke manier een inzicht geeft in de achtergronden van de geschiedenis en in de actuele betekenis van de Vlaamse Beweging. Miel heeft naam gemaakt wegens zijn sociaal- economische en politieke artikels. Het is daarom geen toeval dat hij tegenwoordig veelvuldig gevraagd wordt, onder meer als gezagsvol voorzitter, zoals in debatten van de Gravensteengroep, en ter gelegenheid van de jaarlijkse Sociaal- Flamingantische Trefdagen.

Er bestaat een rechtstreeks verband, vaak onderlijnd door Miel, tussen het streven naar Vlaamse zelfstandigheid en de wereldwijde belabberde sociaal- economische toestand van het liberaal globalisme. Het is onze overtuiging dat de strijd tegen dit globalisme, en tegen de inherente crisis ervan, slechts kan vertrekken vanuit de nationale identiteit, omdat die strijd cultureel bepaald is en dus afhangt van lokale toestanden, tradities, sterkte van de vakbonden en de sociale beweging, enz… In Nederland, Frankrijk en Ierland, telkens wanneer het volk het recht kreeg zich uit te spreken over de globalistisch getinte plannen van de Europese Gemeenschap, werd bewezen hoe groot de afstand is tussen de neo- liberale machthebbers en de volkeren. In België krijgen we zelfs niet het recht om ons uit te spreken over de nieuwe zogenoemde Europese grondwet, die beoogt de weg naar een betere maatschappijordening, een socialistische ordening, voor de toekomst af te sluiten. Een zelfstandig Vlaanderen bevrijd van de dienstbaarheden tegenover een unitair België, bevrijd van de verstikkende wafelijzerpolitiek, in vrede levend met onze Waalse buren, zou een beter terrein leveren om de strijd tegen de heerschappij van het multinationaal kapitaal aan te gaan. Dat is één van de belangrijkste redenen waarom progressief Vlaanderen en Vlaams twee adjectieven zijn die samen horen, tot spijt van wie het benijdt.

De uitreiking door het Davidsfonds Waasland is meteen een erkenning van de nuttige inbreng in de huidige Vlaamse Beweging van Miel Dullaert, en via hem, van de beperkte maar levenskrachtige deelname van een linkse stem aan het huidige communautaire debat. Dat we op weg zijn naar een uiteindelijk zelfstandig Vlaanderen lijdt voor mij geen twijfel. Al staan ons nog vele moeilijkheden en teleurstellingen te wachten op deze weg. Dat zulk een Vlaanderen geen afspiegeling van het huidige België zal worden, en evenmin een extreem rechtse weg zal kiezen om uit deze allesomvattende crisis te geraken, zal mede het gevolg zijn van mensen als Miel Dullaert, waarvan het denken scherp afsteekt tegen dat van de zogenaamde linkse elite die op de buik kruipt voor de Belgicistische heersers en voor de provocateurs. Miel zal de eretitel van Emiel baron Dullaert niet krijgen. Daarom is het goed nieuws dat het Davidsfonds Waasland hem heeft bedacht met de Vlaamse leeuwenpenning.

Ik had het zojuist over eretekens, en ik wil eindigen met een anekdote daaromtrent. Ikzelf heb in mijn actieve leven heel wat eretekens mogen krijgen. Wel, vanwege de Sovjet-Unie, de DDR, Tsjecho-Slowakije, Joegoslavië. Nu blijkt dat al die naties gesplitst zijn, ofwel verdwenen zijn als dusdanig. Als iemand mij dus een Belgische medaille kan bezorgen, graag meegenomen…

Miel, tot besluit wil ik je van harte feliciteren en je nog veel nuttige inbreng toewensen op weg naar een democratisch, sociaal, verdraagzaam en vrij Vlaanderen.

Jef TURF

Jef Turf: Mechelen(1932), Doctor in de Kernfysica, ex-Politiek Directeur weekblad De Rode Vaan, ex-Voorzitter Vlaamse vleugel KP, gerechtsjournalist Belga en BRT, ex-medewerker maandblad Meervoud. Autobiografie: Jef Turf, van kernfysicus tot Vlaams communist, 280 blz. Uitgeverij Lannoo, 2012.

  • Over mij

    • Miel Dullaert
      °1948 Enkele stipmomenten… Kind en tiener Ik ben geboren in Merksem. Ik behoor tot wat men noemt, de babyboomgeneratie of de eerste
      Meer lezen...
  • Citaat

    De zekerste manier om in een krant te komen
    is er één lezen terwijl je de straat oversteekt
    (Alberto Sordi , It. acteur 1920-2003)

  • Edward ELGAR, NIMROD

  • Tag cloud

  • Deel onze pagina op:

    © Copyright 2019 ‐ Miel Dullaert ‐ Alle rechten voorbehouden

    Disclaimer | Privacybeleid

    Webdesign by Eye